Belast Koloniaal Verleden

22 april 2022 - 30 oktober 2022

In deze tentoonstelling staan de koloniale belastingsystemen in de Nederlandse geschiedenis centraal, met aandacht voor de onderdrukking, uitbuiting en slavernij die hiermee gepaard gingen. Belastingen zijn vanaf het begin verweven met de Nederlandse kolonisatie. Zodra overzeese landen veroverd waren, werden de eerste vormen van belastingen ingevoerd, waarmee de Nederlandse staatskas werd gevuld.

Om de handel en expansie in de overzeese gebieden goed te regelen, kwam ook al snel de bouw van een heel bestuurlijk apparaat op gang, met daarbij vaak als eerste de aanstelling van belastingambtenaren. Het bestuurlijke systeem wordt steeds verder uitgebreid. Met grof geweld wordt binnen bestaande landen een heel nieuw land opgebouwd met zijn eigen regels en betalingsmiddelen, om vervolgens veel geld te verdienen aan de grond en de mensen die in dat land wonen.

Tip: Cultuurvloggers Jennifer en Bruno van Shot of culture bezochten de tentoonstelling. Bekijk hun ervaring en kom zo vast meer te weten over Belast Koloniaal Verleden.

De beschilderde houten beelden zijn van een Indonesische ambtenaar en zijn vrouw, in 1964 geschonken aan de directeur van de Rijks Belasting Academie en het museum door Indonesische studenten.

Cultuurstelsel

Het idee van de Nederlandse kolonisering is altijd geweest om zo veel mogelijk winst te behalen uit de koloniën, door middel van handel en belastingen. In de 19de eeuw wordt dit tot het uiterste doorgetrokken met de totstandkoming van het cultuurstelsel in Nederlands-Indië. Het cultuurstelsel is een systeem waarin – van ongeveer 1830 tot rond 1870 – de Indische bevolking gedwongen wordt om 1/5de van hun grond te bewerken met gouvernementsproducten. Degenen die geen grond bezitten, ‘betalen’ met 66 dagen gedwongen arbeid per jaar. In de praktijk pakt het systeem nog veel heftiger uit en is bijvoorbeeld vaak meer dan 1/5de grond in beslag genomen, waardoor de lokale voedselvoorziening in de problemen komt. Ook wordt bezuinigd op allerlei noodzakelijke uitgaven, terwijl juist meer belastingen worden geëist van de bevolking. Het cultuurstelsel heeft Nederland veel geld opgeleverd, dat bijna alleen maar is uitgegeven om het moederland te verbeteren, terwijl het leven in de kolonie op zijn zachtst gezegd steeds moeilijker wordt.

Slavernij

Ook in Suriname en het Caraïbisch gebied heeft Nederland diepe sporen achtergelaten. Als eerste werden de inheemse Arowakkken tot slaaf gemaakt. Later werden grote groepen slaafgemaakten uit Afrika gehaald voor het werken op de plantages. In Suriname onttrokken steeds meer slaafgemaakten zich aan de onderdrukking en vluchtten het oerwoud in, van waaruit deze Marrons actief verzet pleegden. Het leger, betaald uit de zogenoemde ‘wegloperskas’, bestreed de Marrons met weinig succes, terwijl de kosten hoog opliepen. Vooral door de verplichte bijdrage van plantagehouders aan de wegloperskas. 

Slavernij werd niet alleen financieel onhoudbaar, maar ook ethisch gezien. Door literaire publicaties als de Hut van oom Tom werden meer en meer de ogen geopend voor de onmenselijkheid ervan. Na afschaffing van de slavernij in 1863 moesten de voormalige slaafgemaakten nog tien jaar onder Staatstoezicht verplicht zware arbeid leveren, terwijl de plantage-eigenaren compensatie ontvingen voor het verlies van hun werkkrachten.

Slavenwissel (1864). De firma Clifford & Chevallier uit Amsterdam kreeg een vergoeding van maar liefst 54.600 gulden voor het verlies van hun slaafgemaakten. De voormalige slaafgemaakten kregen helemaal niets. (Particuliere collectie).

Onderzoek & webinar

Onderzoek naar ons belast koloniaal verleden in het depot van het museum vormde de start van deze tentoonstelling. Belastingen, slavernij, de koloniën en het cultuurstelsel hebben altijd met elkaar te maken gehad. Bekijk hier de video waarin diverse objecten de verhalen uit het onderzoek illustreren. Meer weten over het koloniale belastingsysteem in Nederlands-Indië en de verschillende aspecten van de Nederlandse overheersing? Bekijk dan webinar met Maarten Manse, in 2021 gepromoveerd aan de Universiteit Leiden met Promise, Pretence and Pragmatism.   

Ministerie van Financiën, Batavia

Op het schilderij van Carel Lodewijk Dake Jr, is het ministerie van Financiën aan het Waterlooplein te Batavia te zien. Een wit gebouw met palmbomen ervoor. Op de voorgrond lopen vier vrouwen gekleed in kleurige sarongs. Gesigneerd en gedateerd rechts onderaan. Er is ook een album met handtekeningen van ambtenaren die het schilderij op 4 september 1926 als afscheidscadeau aan directeur van Financiën in Nederlands-Indië C.W. Bodenhausen hebben aangeboden.

Desaschool in Indonesië

Op deze afbeelding van begin 20e eeuw staat een zogeheten desaschool afgebeeld. Een desa is een dorp of dorpsstreek op het platteland van Indonesië. Sinds de afkondiging van de 'ethische politiek' in de Troonrede van 1901 was het geven van onderwijs aan de Indonesische bevolking een belangrijk doel. De school werd betaald met belastinggeld, waar de inwoners het niet erg mee eens waren, want de desa moest landbouwgrond afstaan voor de school en de kinderen konden niet werken onder schooltijd. Meer hierover is te zien in de video van het onderzoek.

Raamkunstwerk tentoonstelling

Speciaal voor deze tentoonstelling is een raamkunstwerk gemaakt door Martinus Papilaja. Dit kunstwerk is gefinancierd door de Stichting Vrienden van het Belasting & Douane Museum.